Mooie woorden omzetten in zichtbare daden

 

Eind maart presenteerde minister van Defensie Bijleveld de Defensienota 2018, Investeren in onze mensen, slagkracht en zichtbaarheid. De minister schrijft dat Defensie een aantrekkelijke en betrouwbare werkgever wil zijn. Ik onderschrijf dit laatste want daar heeft het de afgelopen jaren nog wel eens aan ontbroken. De minister heeft in de Defensienota een duidelijke keuze gemaakt voor het personeel. De investeringen in de extra slagkracht zijn door het Kabinet Rutte III op de lange baan (lijnen in de nota genoemd) geschoven. Het kabinet denkt zich dit te kunnen permitteren en gaat in 2020 de (veiligheids)balans nogmaals opmaken om te bezien of er extra in Defensie moet worden geïnvesteerd. De verwachting is dat Nederland in 2020 ongeveer de helft (1% BBP) van de afgesproken NAVO-norm investeert in onze veiligheid.

 

In mijn ogen heeft de minister een terechte keuze gemaakt om eerst te investeren in het personeel. De uitstroom van militairen moet nu echt tot een halt worden geroepen. Het aantal vacatures blijft maar stijgen en nadert de 8000. Daarnaast blijft de tendens zich voortzetten dat Defensie aan het verburgerlijken is. Het defensiepersoneel bestaat op dit moment voor bijna 25% uit burgers. Goede collega’s maar niet operationeel inzetbaar.

 

In de Defensienota is aangegeven dat Defensie de komende jaren weer extra personeel mag aannemen. De formatie kan alleen maar succesvol toenemen als de irreguliere uitstroom tot een halt wordt geroepen. Een lastige opgave in een periode van hoogconjunctuur en schaarste op de arbeidsmarkt. Defensie zal dus een signaal aan haar personeel moeten afgeven dat zij een aantrekkelijke en betrouwbare werkgever is. Dit laatste wordt dan ook de grote uitdaging voor het kabinet Rutte III en Defensie. Zij zullen snel de mooie woorden in daden moeten gaan omzetten om geloofwaardig te blijven.

 

Ondanks de mooie woorden ligt het arbeidsvoorwaardelijke overleg, tot ongenoegen van de bonden, op dit moment stil. Het overleg ligt stil omdat er vanuit het kabinet, overheidsbreed, nog geen mandaat is om het arbeidsvoorwaardenoverleg op te starten. Het is wachten op de Voorjaarsnota, die begin mei zal worden gepresenteerd. Een Voorjaarsnota waarin wordt aangegeven wat het kabinet voor haar ambtenaren over heeft en hoe zij worden gewaardeerd. Echter, de Voorjaarsnota staat onder druk vanwege verminderde aardgasbaten waardoor het woord dat niemand in het Haagse in de mond durft te nemen weer rondwaart: bezuinigen ten tijde van hoogconjunctuur. De komende maanden zal blijken wat de mooie woorden in de Defensienota daadwerkelijk waard zijn. Wordt er een goede balans gevonden tussen jong en oud, officier, onderofficier en soldaat/matroos. Het worden dus interessante tijden. Waar gaat het eventuele ‘zoet’ neerdalen en/of wordt loyaliteit beloond?

Leiderschap

 

Medio februari kreeg minister Bijleveld de spreekwoordelijke draai om haar oren van haar collega’s in Brussel. De één noemt Nederland een zwartrijder, de andere een “freerider”. Nederland blijft binnen de NAVO ver achter als het gaat om de gemaakte afspraken in Wales, waarin Nederland belooft in 2024 2% van het Bruto Binnenlands Product (BBP) aan Defensie uit te geven. Het weerwoord van minister Bijleveld in Brussel was dat Nederland 5 miljard meer uitgeeft aan Defensie. Onze minister van defensie zei hier niet bij dat dit over 4 jaar wordt uitgesmeerd.

 

Premier Rutte tweette zijn weerwoord onlangs vanuit München: “Samen met @MinBijleveld gesproken met SG NAVO @jensstoltenberg. Onderstreept dat NL gecommitteerd blijft aan de gemaakte afspraken over de stijging van de defensie-uitgaven tijdens de #NATOsummit in Wales”. Het budget is sinds 2014 inderdaad gestegen. Echter, ten opzichte van 2014 geeft Nederland niet meer uit als men dit vertaalt naar het % BBP. Het budget blijft rond de 1,1% schommelen. De in Wales 2014 door premier Rutte en voormalig minister Hennis uitgesproken intenties zijn dan tot op heden ook niet meer dan een papieren tijger. Ik zie, tot op heden, het uitgesproken Wales commitment dan ook niet terug in het regeerakkoord van het kabinet Rutte III. De Defensienota 2018 zal hier vooralsnog óók geen verandering in gaan brengen daar het budget niet wordt verhoogd, hoogstens anders wordt verdeeld.

 

Het Wales commitment kan alleen maar worden nagekomen als er in het kabinet en de Tweede Kamer leiderschap wordt getoond. Dit leiderschap is hoognodig om Defensie en haar personeel uit het dal te loodsen waarin Defensie zich nu bevindt. Leiderschap tonen geldt niet alleen voor onze politici. Het geldt óók voor onze commandanten. Door de vele vacatures wordt het bij de Operationele Commando’s steeds lastiger om het operationele product te blijven leveren. De druk op het personeel, zeker bij schaarste-categorieën, wordt hierdoor steeds groter. Hierdoor komen de wensen van het personeel regelmatig in de knel. In de knel omdat toezeggingen voor onder andere bijzonder verlof op het laatste moment door commandanten worden ingetrokken omdat een vaar- of oefenprogramma op het laatste moment wordt gewijzigd. Te vaak wordt er dan voor de gemakkelijke oplossing gekozen en onder de noemer ‘operationeel belang’ de toezegging aan het personeel ingetrokken. Het gevolg laat zich raden, de vakbond wordt ingezet om naar de redelijkheid en billijkheid van de intrekking te kijken of nog erger, na de zoveelste keer verlaat men boos en teleurgesteld Defensie. Dit laatste kan nooit de bedoeling zijn geweest van de commandant. Korte termijn winst leidt dan tot verlies van schaars personeel. De oplossing is in mijn ogen simpel: stel de mens centraal en je zult zien dat iedereen tijdelijk misbaar is en dat er altijd een alternatief voor handen is als men hier in gezamenlijkheid naar kijkt. Gevolg: eind goed, al goed en het personeel en hun thuisfront voelen zich weer gewaardeerd.

Intrinsieke motivatie

 

De militair is een aparte en een bijzondere werknemer met een bijzondere positie. Deze positie is onder meer vastgelegd in de Militaire Ambtenaren Wet en (militaire) wet- en regelgeving maar óók in de Tweede Kamer. De militair heeft bewust gekozen voor dit bijzondere beroep. De militair is dan ook sterk, intrinsiek gemotiveerd en voert zijn/haar werkzaamheden uit omdat de militair graag militair wil zijn. Motivatie van buitenaf (extrinsiek) is belangrijk maar zal voor de keuze voor het beroep niet doorslaggevend zijn.

 

De afgelopen decennia heeft de politiek de militairen zwaar op de proef gesteld. Nu is dat voor hen normaliter geen probleem omdat ze hiervoor zijn opgeleid en getraind. Militairen hebben niet voor niets een bijzondere positie die inhoudt dat zij doorgaan waar anderen moeten stoppen. Het zwaar op de proefstellen gaat dan ook niet over fysieke ongemakken en/of het niet van toepassing zijn van wet- en regelgeving, die voor andere werknemers wel gelden, dan wel het vaak van huis zijn. Je hebt immers niet voor niets voor het militaire beroep gekozen.

Het zwaar op de proef stellen betreft dan ook de hoop op een voor haar taak berekende krijgsmacht, oftewel: op het licht aan het eind van de (bezuinigings-) tunnel. De militair heeft de (laatste) hoop gevestigd op Rutte III: dat dit kabinet eindelijk, hiertoe vanuit eigen beweging gemotiveerd, gaat inzien dat onze krijgsmacht van groot belang is voor Nederland en de Nederlanders.

 

Intrinsieke motivatie is een mooie eigenschap die men moet koesteren. De militair blijft doorgaan, waar anderen allang het bijltje erbij neer gegooid zouden hebben. Echter, misbruik maken van deze bijzondere eigenschap ligt op de loer.

Onlangs stond in de Volkskrant een artikel met de kop ‘Militaire en burgerluchtverkeersleiders onder één dak zorgt voor gedoe om salarisverschillen’. Er zou kinnesinne zijn over de salarisverschillen tussen burger- en militaire luchtverkeersleiders, die vandaag de dag samen op Schiphol werkzaam zijn. De militairen zijn jaloers op hun burgercollega’s. Hebben de militairen hier een punt?

 

Defensie staatssecretaris Visser wilde volgens de krant niet aangeven wat het verschil in salaris tussen een burger- en militaire verkeersleider is. Ze zei wel: ‘Wie bij de luchtmacht zit, doet dit ook vanwege een intrinsieke motivatie’. Op zichzelf al een vreemd antwoord, want de Tweede Kamer is groot voorstander van harmonisatie van salarissen tussen de marktsector en de overheid (normalisatie), maar dit terzijde.

 

Omdat de staatssecretaris het niet wilde of kon zeggen zal ik uit de school klappen. Een regionale burgerverkeersleider verdient ongeveer twee keer zoveel als een militair. Een militaire supervisor met de rang van majoor en het maximaal aantal dienstjaren verdient ongeveer 75.000 euro per jaar. Zijn counterpart op Schiphol verdient ongeveer 225.000 euro per jaar. De drijfveren van de militair kosten hem/haar in dit geval dus 12.500 euro per maand. Plus kinnesinne van het thuisfront. Ik kan me voorstellen dat de intrinsieke motivatie om de overstap te maken naar een burgerverkeersleidersstoel groot zal zijn. De extrinsieke motivatie van het thuisfront zal hier zeker bij helpen: geen uitzendingen meer en een drie- dan wel dubbel salaris!

Zoals ik al eerder schreef: de militair is bijzonder. De drijfveren om als militair werkzaam te zijn is zeer groot en niet voor niets worden militairen als zeer loyale werknemers omschreven. Intrinsieke motivatie en extrinsieke ‘dissatisfiers’ moeten echter wel in evenwicht zijn, om ‘kinnesinne’ te voorkomen. Ik ben dan ook zeer benieuwd naar de intrinsieke motivatie in de Defensienota 2018 om het defensiepersoneel voor Defensie te behouden.

Vergelijken met een niet bestaande medewerker

 

Op 24 november jl. heb ik namens u allen een handtekening mogen zetten onder het arbeidsvoorwaardenakkoord. Uit de ledenraadpleging is gebleken dat 80% van de leden kon instemmen met het resultaat. Een mooi percentage, echter 20% tegen is niet iets dat je zomaar kunt wegpoetsen en daar zullen we aandacht aan moeten besteden.  

 

Tijdens de ledenraadplegingen bleek dat er nog steeds sprake is van wantrouwen. Regelmatig was te horen: ‘Dat kunt u wel zeggen, maar ik geloof u niet’. Dit laatste komt omdat werkgever en bonden niet altijd met één mond spreken en er zo verwarring ontstaat. Maar het komt óók omdat voornamelijk oudere militairen vraagtekens plaatsen bij de rekentool, het nieuwe diensteindestelsel en/of de gevolgen van het nieuwe pensioenstelsel. U hoort mij niet zeggen dat de rekentool perfect is maar in grote lijnen kloppen de (financiële) antwoorden wel. Als iemand geen gebruik maakt van de overgangsregeling en besluit door te werken dan heeft dit aanzienlijk positieve financiële gevolgen voor de hoogte van het ouderdomspensioen. Daar staat echter ook tegenover dat u langer moet doorwerken en op de dan geldende AOW-leeftijd pas met pensioen gaat. Het betreft in deze dus geen nepinformatie.


Wat ik wel bestempel als nepnieuws is het onlangs naar de Tweede Kamer gestuurde rapport ‘Wat verdient een overheids- of onderwijswerknemer ten opzichte van de marksector’. In het rapport is aangegeven dat burgermedewerkers bij Defensie minder verdienen dan de best vergelijkbare werknemers in de marktsector. Deze conclusie sluit aan bij rapport dat door de voormalige Vereniging voor Middelbaar en Hoger Burgerpersoneel (VMHB) is gepresenteerd. In het rapport staat voor wat betreft militairen dat de arbeidsomstandigheden van militairen per definitie anders zijn dan die van met hen vergelijkbare werknemers in de marktsector. Er zijn ook geen functies in de marktsector die inhoudelijk overeenkomen met die van militair. Ook hier een terechte conclusie die ik kan delen. Echter, toch komen de onderzoekers van Binnenlandse zaken tot de conclusie dat de militair meer verdient dan de niet bestaande vergelijkbare werknemer in de marktsector!

 

In het rapport valt te lezen dat onbetaalde overuren niet worden meegenomen. Een terechte constatering, al werken er bij Defensie wel heel veel mensen structureel onbetaald over. Wat volgens mij wel had moeten worden meegenomen, is dat tijdens operationele inzet overwerk en in het kielzog hiervan de Arbeidstijdenwet, worden afgekocht door middel van een toelage. Dat kan en mag niet bij de (niet bestaande) marktmedewerker. Door de afkoop daalt het uurloon bij operationele inzet in veel gevallen tot onder het minimumloon. Bij wet verboden, tenzij je bij Defensie werkt! Per 1 januari as. moet een werkgever minimaal het minimumloon betalen bij overuren.

 

Ik wens u allen fijne feestdagen en een mooi, gelukkig en vooral (financieel) gezond 2018.

Waardering

 

Onlangs las ik in de krant dat de leraren van het basisonderwijs in september aanstaande ‘de boel plat gaan leggen’ als zij de mening zijn toegedaan dat het nieuwe kabinet hun arbeidsvoorwaarden niet aanzienlijk heeft verbeterd. Een duidelijk signaal van de leraren en op deze wijze leggen zij druk op het formatieproces dat thans gaande is. De afgelopen jaren heeft de Politie regelmatig actie gevoerd. Het actievoeren heeft het politiepersoneel ‘geen windeieren gelegd’ als men inzoomt op de loonontwikkeling, van de afgelopen 10 jaar.

 

Militairen mogen vanuit hun bijzondere positie niet staken. Daarnaast zit actievoeren bij het defensiepersoneel over het algemeen niet in de genen. Het past niet goed bij onze ‘can do’ mentaliteit en onze onderlinge kameraadschap. Kameraadschap en verbondenheid van hoog tot laag. Vanuit deze verbondenheid hebben de operationele commandanten de afgelopen maanden een duidelijk signaal afgegeven: er moet wat gebeuren aan de arbeidsvoorwaarden van het defensiepersoneel. Ik constateer dat dit signaal tot op heden niet in het ‘Haagse’ wordt opgepikt. Dit laatst vind ik bijzonder daar het tijd wordt dat het defensiepersoneel ‘loon naar werken’ krijgt. Ik kan me niet voorstellen dat de signalen die ik uit ´het veld´ ontvang niet eveneens in het Haagse worden geuit dan wel niet bekend zijn.

 

Enkele voorbeelden: soldaten op oefening in Polen komen tot de verbijsterende conclusie dat zij een oefentoelage van 35 euro netto ontvangen voor hun 24/7 inzet op een zaterdag/zondag. Dit terwijl zij van maandag tot met vrijdag eveneens 24/7 zijn ingezet. 35 euro voor de extra inzet is minder dan een vakkenvuller bij de Albert Hein verdient. Een commandant van een schip constateert dat hij ongeveer 30 euro netto vaartoelage per dag ontvangt voor het van huis zijn en het 24/7 paraat zijn.

Op de Prodef-site staat een artikel ‘Op missie naar Mali voor weinig extra’s dan minimumloon en een gratis maaltijd’. De beloning voor werkzaamheden die onder moeilijke omstandigheden worden verricht. In mijn weblog ‘Werken en niet meer verdienen dan de inkomensarmoedegrens’ van 13 februari jl. blijkt dat het basissalaris van een groot deel van de militairen onder of rond de CBS armoede inkomensgrens ligt. Deze grens lag in 2015 op 1930 euro netto voor een echtpaar met twee kinderen. Allemaal voorbeelden dat ‘loon naar werken’ bij Defensie een rekbaar begrip is.

 

Op 18 april jl. hebben de Centrales van Overheidspersoneel gereageerd op het nieuwe arbeidsvoorwaarden bod dat Defensie het personeel heeft geboden. Een bod dat ik niet kan plaatsen bij de bovenstaande signalen vanuit het veld. Echter, het gaat niet om mijn perceptie maar om uw perceptie. De GOV/MHB zal u daarom vragen wat u er van vindt. Immers, wij vertegenwoordigen u en u heeft het laatste woord.

Samen staan we sterker

 

Op 12 oktober jl. hebben de centrales van overheidspersoneel met minister Dijkhoff een arbeidsvoorwaardenresultaat bereikt. Een resultaat dat aanzienlijk beter is dan het eindbod dat Defensie eerder aan het personeel heeft aangeboden. Elders in het blad kunt u een nadere toelichting lezen op het resultaat.

 

Tijdens de GOV|MHB ledenraadplegingen bent u van harte welkom voor een nadere toelichting dan wel het stellen van vragen zodat u een gewogen oordeel hierover kunt vellen. Stemmen is eveneens mogelijk via email. Locaties en data van de ledenraadplegingen zijn eveneens in het blad te vinden op pagina 7. Eind november zal de Sector Defensie CMHF waartoe de GOV|MHB behoort, aan Defensie kenbaar maken wat u vindt van het resultaat. Immers, u bepaalt of wij instemmen met dit verbeterde resultaat.

 

Op 21 april jl. informeerde de minister, de CDS en de SG u over het eindbod dat u massaal heeft afgewezen. De afgelopen weken was dan ook een veel gehoorde vraag: is het nieuwe resultaat een resultante van het vertrek van minister Hennis en generaal Middendorp? Mijn antwoord op deze vragen is nee. Er zijn twee factoren waarom er uiteindelijk is gekomen tot een nieuw resultaat.

 

De eerste en belangrijkste factor is dat u zich samen met ons sterk heeft gemaakt voor Defensie. Sterk voor betere arbeidsvoorwaarden en een voor haar taak berekende krijgsmacht. Dit was een krachtig signaal richting het demissionaire kabinet. Als militairen hun eigen ministerie gaan belegeren is dat zelfs voor politici een signaal dat er echt iets aan de hand is. Dit hebben zij niet kunnen en willen negeren.

 

Het niet kunnen negeren heeft uiteindelijk tot momentum geleid. Momentum met meer vanuit het kabinet ter beschikking gestelde financiële middelen en bewegingsruimte voor Defensie en zo waarschijnlijk met een schone lei wilde beginnen.

 

Ik hoor de laatste tijd ook signalen in onze verenigingen of het niet mogelijk is om niet-leden of leden die voor het eindbod hebben gestemd te laten volstaan met een lagere loonsverhoging. Immers, de vakbonden hebben samen met hun (tegenstemmende) leden ervoor gezorgd dat er nu een aanzienlijk beter resultaat op tafel ligt. Dit gaat me iets te ver. Voor de niet-leden heb ik een advies: word lid, want de afgelopen maanden is gebleken dat als we samen optrekken we veel sterker staan. Sterker voor u, maar ook voor de defensieorganisatie. Als u lid wordt, heeft u ook invloed op het proces. U kunt dan met uw inbreng het beleid eventueel veranderen. Mocht u de mening zijn toegedaan dat u liever een ‘freerider’ blijft en dat het u allemaal niets uitmaakt dan stel ik voor dat u het financiële gewin van het resultaat ten opzichte van het eindbod structureel overmaakt naar een goed doel. Het maakt u immers niets uit en het goede doel heeft er een goede bestemming voor.

 

Eén team, één gezamenlijke missie


In mijn vorige voorwoord schreef ik over zomerperspectief. Helaas is net als de zomer het perspectief op het gebied van arbeidsvoorwaarden en investeringen in Defensie in het spreekwoordelijke water gevallen. Het nieuwe kabinet laat nog op zich wachten met als gevolg dat het er steeds meer op begint te lijken dat het zomerperspectief over zal gaan in een herfstoffensief. Een herfstoffensief om de politiek duidelijk te maken dat het de werknemers bij Defensie menens is.


De vakbonden zijn daarom drukdoende om dit herfstoffensief voor u te plannen. Ik hoop voor Defensie en haar personeel dat onze werkgever minister Hennis-Plasschaert, met toestemming van onze demissionaire regering, in beweging komt want als een herfstoffensief daadwerkelijk nodig is dan is politiek Den Haag nog steeds de mening toegedaan dat er niet in u hoeft te worden geïnvesteerd.


De afgelopen weken ben ik, net als mijn collega-voorzitters, het land in gegaan om het defensiepersoneel te informeren over hetgeen de bonden de afgelopen maanden hebben gedaan om aandacht te blijven vragen voor Defensie en haar personeel. Daarnaast wordt er inzicht gegeven in wat we nog gaan doen indien dit nodig blijkt te zijn. Tijdens mijn rondreis vielen mij twee dingen op.


Ten eerste: het valt niet mee om u in beweging te krijgen, ondanks het feit dat u over het algemeen van mening bent dat er eindelijk iets moet gaan gebeuren. U ziet net als de vakbonden de noodzaak dat er een nieuwe wind door de defensieorganisatie moet gaan waaien. Een frisse wind die perspectief moet gaan bieden voor Defensie en haar personeel.


Ten tweede: ik bespeur tijdens mijn rondgang dat u zich zorgen maakt over wat uw leidinggevende ervan vindt als u meedoet aan acties voor betere arbeidsvoorwaarden en/of extra budget voor een voor haar taak berekende krijgsmacht. Extra budget dat hard nodig is om de door uw leidinggevende opdragen taken goed en veilig uit te kunnen uitvoeren. Ik ontvang signalen dat leidinggevenden een verzoek tot bijzonder verlof om mee te doen aan een actie afkeuren om te voorkomen dat u in de baas zijn tijd strijd voor onze defensieorganisatie.


Het lijkt erop dat de werkvloer en de leidinggevenden in deze geen team zijn en geen gezamenlijke missie hebben als het gaat om extra budget voor goede arbeidsvoorwaarden en een voor haar taak berekende krijgsmacht. Voor mij en velen van u onbegrijpelijk. Het wordt dan ook tijd dat we met z’n allen deze missie gaan uitstralen: Sta op voor goede arbeidsvoorwaarden en een voor haar taak berekende krijgsmacht. Want wie geen pijn laat zien, zal ook niet winnen!

 

Ik sta voor Defensie: staat u naast mij?

Onderwerpen in dit bulletin:

  • Persbericht gezamenlijke defensiebonden nav de defensiebegroting 2018 van het demissionaire kabinet
  • Uitleg over de complexiteit van de eindloonregeling
  • Terugkoppeling en toelichting op de acties van en voor het defensiepersoneel voor een betere cao

 

En verder de columns van de duo-voorzitters, van Peter van Maurik en van Tom Kofman

 

Lees het bulletin >>>

Duo-voorzitter Ruud Vermeulen vergelijkt het protest van de basisschoolleraren met dat van de militairen en burgermedewerkers bij Defensie. Zijn conclusie:Naast een tekort aan (inzetbaar) materieel, een te kleine defensieorganisatie, is er nu ook op arbeidsvoorwaardelijk gebied en door het ontbreken van perspectief een mega-probleem op het personele functiegebied ontstaan. En dat probleem is echt veel groter dan bij de andere overheidswerkgevers.

 

In het artikel 'Hoezo trendbreuk en geen verdere bezuinigingen op Defensie?' wordt vooruit gekeken naar een nieuw kabinet, en wat de gevolgen daarvan zullen kunnen zijn op het personeel bij Defensie. Ook de mogelijke gevolgen voor het pensioen worden belicht in de bijdrage 'Het rente-op-rente effect'.

 

In dit bulletin sowieso veel aandacht voor pensioen, want er gebeurt ook op dit vlak veel.

 

Lees verder over dit bulletin >>>

 

Zomerperspectief

 

Als u dit leest is het zomerverlof/-reces voor u waarschijnlijk reeds begonnen. Ondanks het verlof staat er voor Defensie veel op het spel. Lukt het ‘het motorblok’ om een nieuw kabinet te formeren dat nog op Prinsjesdag de plannen voor 2018 kan gaan presenteren?

 

Plannen die ertoe moeten leiden dat er op korte termijn weer perspectief aan Defensie en haar personeel kan worden geboden. Perspectief dat er in tegenstelling tot voorgaande jaren eindelijk voor gaat zorgen dat krimp kan worden omgezet in groei. Ik hoop het van harte, want als ‘het motorblok’ niet aan de praat kan worden gekregen betekent dit voor Defensie wederom een beleidsarm jaar. Weer een jaar waarvan we er de afgelopen decennia reeds teveel van hebben gehad. Het broodnodige perspectief wordt dan ondanks de economische voorspoed wederom naar de toekomst doorgeschoven. Groei betekent dat het personeelsbestand voor het eerst eveneens weer gaat groeien. Het behoud van personeel en een beter wervingsresultaat zijn dan een must voor Defensie.

 

Tijdens het onlangs gehouden Algemeen Overleg Personeel Defensie (AO-P) in de Tweede Kamer, heeft minister Hennis aangegeven dat er haar alles aan is gelegen om nog voor het aantreden van het nieuwe kabinet (en dus haar aflosser) een nieuw arbeidsvoorwaardenakkoord met haar personeel te kunnen sluiten. Het viel mij tijdens het AO-P op dat alle Kamerleden die aanwezig waren, zich zorgen maakten over het uitblijven van een arbeidsvoorwaardenakkoord bij Defensie. De partijen van deze Kamerleden hebben een zeer ruime meerderheid in de Tweede Kamer.

 

Het moet voor de minister een fijne gedachte zijn dat er zoveel steun vanuit de Kamer is voor het defensiepersoneel. Gezamenlijk zouden de minister en deze ruime Kamermeerderheid genoeg druk moeten kunnen genereren voor het vinden van een financieel mandaat voor een nieuw arbeidsvoorwaardelijk bod. De vraag is dan ook of er inderdaad vanuit de Tweede Kamer zomerperspectief wordt geboden.


Dat betreft dan een zomerperspectief waarin rekening wordt gehouden met de bijzondere positie van de militair en de bijzondere positie waarin Defensie zich bevindt. Het wordt namelijk tijd dat er rust in de organisatie komt. Rust en perspectief die het tij moeten gaan keren.

 

Iedereen weet het en iedereen ziet het, maar de vraag is of deze stap daadwerkelijk gaat worden gezet. Ik hoop het, want het defensiepersoneel verdient het meer dan ooit. Ik wens u allen een mooi, rustig en een zeer verdiend verlof met zomerperspectief toe.

Pagina 1 van 3

GOV|MHB *** Wassenaarseweg 2 *** 2596 CH Den Haag *** T: 070 - 383 95 04 *** E: